
Het gaat mis als burgers de overheid vragen om stukken met informatie over derden
Als een burger informatie opvraagt via de Woo, dan mogen derden de overheid vragen om bepaalde informatie geheim te houden. Toch is hun precieze rol nog onduidelijk en ook loopt het proces stroef, blijkt uit Leids onderzoek.
'Ouderwets lakken'
Hele generaties zijn opgegroeid met Tipp-Ex, een correctievloeistof waarmee je fouten in teksten handmatig kunt weglakken. Iedereen die zo’n potje Tipp-Ex met zijn kenmerkende geur gebruikte, wist: eenmaal ‘getippex’ed’, is de tekst onleesbaar. Inmiddels zijn er digitale tools om teksten snel en goed ‘weg te lakken’, óf juist weer terug te toveren (te ‘ontlakken’). De oude potjes Tipp-Ex liggen bij de meeste mensen ongebruikt in een bureaula. Maar wie het rapport van de Universiteit Leiden over Woo-verzoeken leest, krijgt de indruk dat er toch één groep mensen is die nog steeds Tipp-Ex moet gebruiken: ambtenaren die zich bezighouden met Woo-verzoeken (zie kadertekst voor de uitleg).

Versus ‘transparant lakken’
Het kan ook anders, zeggen Leidse juristen, die keken naar hoe ambtenaren omgaan met Woo-verzoeken. ‘Inmiddels is het makkelijk om ‘transparant te lakken’. De ene lezer kan de oorspronkelijke tekst dan nog wel zien, maar de andere niet’, zegt hoofdonderzoeker, Annemarie Drahmann, universitair hoofddocent Staats- en Bestuursrecht van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid.
'Tweeënhalfjaar na inwerkingtreding van de Woo gaat er nog veel mis. Dat is zorgwekkend.'
‘Die tool is een uitkomst als de overheid informatie openbaar moet maken vanwege een Woo-verzoek en in de opgevraagde tekst ook informatie van derden staat. De burger krijgt dan niet alle informatie uit zo’n stuk te zien.’ Alleen: lang niet alle ambtenaren hebben die tool, zeggen ambtenaren die een enquête van de Leidse onderzoekers hebben ingevuld. Ook om andere redenen gaat het lakken inefficiënt. Zij kunnen niet geautomatiseerd lakken of de verschillende versies van een document bijhouden. Daardoor kost de afhandeling van Woo-verzoeken onnodig veel tijd.
Wat is de Woo?
De Woo is een afkorting van de Wet Open Overheid. Deze wet is in mei 2022 is ingegaan en vervangt de Wet Openbaarheid Bestuur (de ‘Wob’). Met de Woo kunnen burgers de overheid vragen om informatie te delen. Dat kon hiervoor via de Wob.
Wat is een ‘Woo-verzoek’?
Een Woo-verzoek is een vraag van burgers aan de overheid om bepaalde informatie met hen te delen. Onder de vorige wet stond dit bekend als een Wob-verzoek.
Dit bevordert de transparantie van de overheid; burgers kunnen checken of de overheid eerlijk te werk gaat en alle burgers hetzelfde behandelt (zie ook hierna ‘waarom kwam er een nieuwe wet?’). Iedere burger kan zo'n verzoek indienen.
Is de overheid verplicht om op een Woo-verzoek te reageren? En wat is dat ‘zwartlakken’?
Ja, met een Woo-verzoek dwingen burgers de overheid om informatie te delen. Maar niet alle informatie hoeft één-op-één te worden gedeeld; de overheid mag bepaalde informatie ‘zwartlakken’, dat wil zeggen dat sommige woorden, zinnen of paragrafen niet te lezen zijn. Een mogelijke reden waarom de overheid bepaalde informatie niet deelt is omdat daarin vertrouwelijke informatie van derden staat.
Waarom kwam er een nieuwe wet?
De aanleiding voor de Woo was de Toeslagenaffaire, een schandaal waarbij de overheid bepaalde groepen burgers die toeslagen ontvingen, vaak met een migratieachtergrond, zonder goede reden als fraudeurs bestempelde. Deze mensen ontvingen hierna geen geld meer van de overheid en moesten zelfs toeslagen terugbetalen, ondanks dat ze hier recht op hadden. Dit leidde tot grote schulden, uithuiszettingen en uithuisplaatsingen van kinderen. Het duurde jaren voordat dit naar buitenkwam, onder andere omdat de overheid bepaalde informatie had achtergehouden door zich te verschuilen achter de Wob. Zoiets mocht nooit meer gebeuren, vonden politici en daarom moest er een nieuwe wet komen.
De gedachte achter de Woo was daarom dat de overheid meer informatie uit zichzelf openbaar zou maken, dus zonder dat burgers daarom hoeven te vragen door een Woo-verzoek te doen. Daarnaast moest de Woo er ook toe leiden dat de overheid informatie sneller zou delen als daarom werd gevraagd.
Service-gerichtheid leidt tot vertraging
Om ervoor te zorgen dat burgers sneller de informatie krijgen die ze willen, moeten ambtenaren ook anders gaan werken. Drahmann: ‘Wat bleek uit ons onderzoek? Ambtenaren zijn heel service-gericht. Als een burger informatie opvraagt en in die stukken informatie over die derden zit, dan geven ambtenaren die derden, vaak bedrijven, bijna altijd de kans om te laten weten of zij stukken tekst graag geheim zouden willen houden. Als het om bedrijfsgeheimen gaat, bijvoorbeeld over de prijsopbouw van een geneesmiddel, is dat logisch. Maar dat is lang niet altijd zo; soms gaat het om informatie die niet geheimgehouden mag worden, zoals bepaalde milieu-informatie over de uitstoot van een bedrijf.' En dus hoeven ambtenaren die derden niet te vragen of zij die informatie mogen delen met andere burgers, want dat kost onnodig tijd, zeggen de onderzoekers.
Niemand snapt er iets van
Drahmann en de mede-onderzoekers, twee studenten, komen tot hun resultaten, nadat zij 843 uitspraken van de rechter doorspitten en ook een enquête uitzetten, die door ruim 300 ambtenaren, derden en Woo-verzoekers werd ingevuld. Hieruit bleek dat burgers die Woo-verzoeken doen, niet weten wanneer de overheid derden vraagt of zij het ermee eens zijn dat informatie met hun wordt gedeeld. Daarnaast zeggen zij niet te weten wat er precies met de reactie van derden gebeurt – wordt de informatie vervolgens wel of niet geheimgehouden? Maar óók derden zeggen dat ze niet weten wanneer de overheid hen vraagt of zij vinden dat iets geheim moet blijven én of met hun bezwaren rekening wordt gehouden. ‘De overheid kan die onduidelijkheid bij burgers en bedrijven wegnemen door in informatiebrochures uit te leggen wanneer de Woo toestaat om informatie van derden geheim te houden’, zegt Drahmann.
Lees het onderzoek van de Universiteit Leiden 'Derden & de Woo. Een onderzoek naar de rol van derden bij de afhandeling van Woo-verzoeken'.
De Woo rammelt in de praktijk
Het kan niet alleen anders, het móet ook anders, vinden de onderzoekers. In hun rapport staat: ‘Het is zorgwekkend dat 2,5 jaar na de inwerkingtreding van de Woo, veel bestuursorganen nog altijd onvoldoende lijken te hebben geïnvesteerd in de software die nodig is om Woo-verzoeken goed af te kunnen handelen.’ Drahmann, die vorige maand ook was uitgenodigd om in de Tweede Kamer haar mening te geven over hoe de Woo in de praktijk werkt, zegt daarover: ‘De gedachte achter de Woo was om meer informatie sneller openbaar te maken, maar ons rapport laat zien dat de basis nog steeds niet op orde is, bijvoorbeeld omdat ambtenaren niet de juiste ICT-middelen hebben.’
De wetenschappers deden het onderzoek in opdracht van ACOI, een gezaghebbend orgaan dat toezicht houdt op naleving door de overheid van de WOO. Drahmann: ‘Het ACOI heeft al laten weten dat zij naar aanleiding van ons rapport met een richtsnoer komen over hoe de overheid dit soort Woo-verzoeken moet afhandelen. Het zou mooi zijn als ze bepaalde oplossingen die wij voorstellen, zouden overnemen.’